Corona, Covid, Sars, … .

We schrijven februari 2020.
Ons buikgevoel zei dat er iets gaande was. We konden het niet goed plaatsen maar we wisten dat we ons moesten voorbereiden op wat komen ging. De signalen uit het beroepsveld waren inmiddels te sterk geworden.

Maart 2020.
We keken naar het nieuws en keken elkaar aan, met een angstige blik.
Er was al met de kinderen over gesproken en niemand wist wat er zou komen.
Tot dat bewuste laatavond journaal. Dit zou de start van alles zijn.

De kinderen lagen reeds in bed. Het nieuwsanker van dienst wist te melden dat binnen 2 dagen de scholen in een algemene lock-down zouden gaan.

Heidi en ik gingen naar boven om het nieuws te melden. De kinderen zaten samen op 1 slaapkamer op hun GSM naar het Journaal te kijken. Iedereen was zeer emotioneel maar ook vastberaden.

De scholen gingen als eerste in lock-down. Daarna de winkels, het bedrijfsleven, … kortom, heel de wereld ging in lock-down.

Behalve wij. Als verpleegkundigen bleven we steevast in de frontlinie staan.
Ik vergeet nooit dat telefoontje van een huisarts waar we mee samenwerken: “Johan, doen jullie nog huisbezoeken?”. “Uiteraard!”, antwoorde ik. We kunnen mensen immers niet dagenlang in hun eigen vuil in bed laten liggen, hun van de broodnodige medicatie ontzien of laten versterven omdat we hun sondevoeding niet komen vervangen.

Alles wat niet levensnoodzakelijk was ging de schop op.
Supermarkten mochten nog enkel levensnoodzakelijke waren verkopen. Andere rekken werden met linten afgesloten omdat er geen oneerlijke concurrentie mocht zijn met bv. een elektronicawinkel.

Ziekenhuizen gingen overkop. Wou je een afspraak met je huisarts, dan werd je steevast geweigerd met klachten die in de verste verte ook maar leken op een COVID besmetting. Kortom, je kon er enkel nog terecht met een spreekwoordelijke gebroken vinger.

Ik herinner het mij als de dag van gisteren. In de eerste maand van het COVID alarm bel ik naar de huisarts met de vraag om een afspraak voor Heidi omdat ze plots felle last had van buikpijn. Abnormaal fel. Na een kort gesprek met onze huisarts werd ik even “on hold” gezet omwille van een ‘intercollegiaal’ overleg. Daarna kwam ze schoorvoetend opnieuw aan de lijn: “Johan, je weet ook dat plots felle buikpijn een symptoom van COVID kan zijn, ik bel naar de regulatiearts van het lokaal coördinatiecentrum en hou je op de hoogte”. Na een kwartier kreeg ik telefoon: “Johan, je mag meteen naar de spoedgevallenafdeling gaan en zeg dat er een verhoogd risico op COVID is!”.

Tja, dan sta je even aan de grond genageld. Ik breng Heidi naar de spoedafdeling alwaar ik ze letterlijk op de stoep kan afleveren en zij naar een geïmproviseerde “COVID” box gebracht wordt. T.t.z., een aanbouw waar men in normale omstandigheden nooit of te nooit iemand zou ontvangen, daar werden nu alle mogelijke COVID gevallen ondergebracht. Een Amerikaanse film met het CDC op volle toeren kan er nog wat van leren.

3 uur later staat ze letterlijk moederziel opnieuw op de stoep, met een doosje Pantomed in de handen.

En dan gaat het snel. Heel snel.

Dagelijks komen we door onze job in contact met patiënten met een vermoeden van … of patiënten die herstellende zijn … of hier en daar patiënten die positief zijn maar zonder symptomen. En dan heb je die groep van patiënten die alle symptomen vertonen maar er zeker van zijn: “Jamaar, ‘t is gene covid zulle!!”.

3 jaar lang zijn we iedere dag opnieuw op onze hoede! We willen het potverdikke zelf niet krijgen omdat we weten dat heel onze praktijk dan op apengaten ligt maar vooral … we willen onze kinderen besparen omdat zij zelf ook zo plichtsbewust zijn.

3 jaar lang zijn we safe. Niemand hier die ook maar besmet geraakt. Tot vandaag.

De aandacht verslapt, er komt weer een nieuwe patiënt bij. Na zijn zorg zegt deze doodleuk: “Ochja, ik heb CORONA”. Kan je begrijpen dat Heidi terplekke achterover viel. Ze droeg dan wel een chirurgisch masker, maar dit werkt slechts in 1 richting: “wij” willen niemand besmetten. Ook al heb je geen symptomen, je kan toch drager zijn. Maar omgekeerd werkt dit niet evenredig en reken je op je medemens. Niet dus.

En ja hoor, zo is COVID hier na 3 jaar toch in het gezin binnengeraakt.
Heidi ging als eerste tegen de vlakte. Ze gaf het 2 dagen op voorhand reeds aan: “Ik voel me echt niet goed!”. Op gegeven ogenblik heb ik nog tegen haar gezegd: “Schat, je ziet er niet goed uit. Je oogleden zijn gezwollen en je hebt alle kleuren van de regenboog. Maar vooral, die hoest, daar krijg ik schrik van!”. Je zou denken dat ze aan een boksmatch had deelgenomen.

Toevallig hadden we nog een zelftest in de schuif steken. ‘Een kwartier wachten’ lees je op de handleiding.
Tararaboemboem ja, na vijf seconden stonden die 2 strepen er zo helder bij als Jupiter en Venus aan het firmament. En wat dacht je, den deze port ook een stok in zijn neus en alstublieft … na 5 seconden hetzelfde resultaat. “Hmm… dat verklaart meteen waarom ik me zat voel zonder gedronken te hebben en Stoned zonder geblowd te hebben”. Alhoewel Heidi de longen van haar lijf hoest moet ik zeggen dat ikzelf niet meer hoest dan anders. Maar … ijl in het hoofd, duizelig, uitgeput, pijn in ieder gewricht en iedere spier. Dat is nog te dragen. Wat ikzelf het ergste vind: totaal geen concentratie meer. Als 2 van de 3 kinderen samen praten moet ik ze een halt toe roepen. Als Heidi tegen me praat moet ik 5 keer vragen wat ze nu juist zei. In de auto gaat de radio af. Rij ik met de auto dan ben ik onzeker en het gebeurt dat ik me afvraag hoe ik gekomen ben daar waar ik ben. Nog nooit heb ik dit meegemaakt. En het boezemt toch wel de nodige angst in. Ik hoop dat ik na het weekend volkomen hersteld ben. Maar ik vrees ervoor.

Bovenal ben ik dan nog blij dat we niet bij de eerste slachtoffers waren maar nu geveld worden door die Omicron variant. Ze zeggen wel dat het te vergelijken is met een goeie griep. No way! ‘t Is een vreemd en raar ding!

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

Meer
Schrijfsels